Prinsjesdag 2026: wat betekent het voor HR en pensioen?
Prinsjesdag is traditiegetrouw het moment waarop de overheid haar plannen voor het komende jaar presenteert. Voor HR-professionals is het relevanter dan ooit, want pensioen staat hoog op de agenda. Van de ontwikkelingen in box 3 tot de naderende WTP deadline en veranderingen binnen de WKR: dit zijn de belangrijkste punten om in de gaten te houden.
Box 3 wordt minder aantrekkelijk, de 3e pijler niet
Een definitieve doorbraak rond box 3 bleef op Prinsjesdag uit. Het kabinet wil nog steeds toewerken naar een stelsel waarin het werkelijke rendement op vermogen wordt belast. De beoogde invoeringsdatum is 1 januari 2028, maar over de precieze vormgeving bestaat nog onzekerheid.
Voor HR is vooral het verschil met pensioenopbouw via de 3e pijler relevant. Lijfrente inleg kan binnen de beschikbare jaarruimte en reserveringsruimte fiscaal aftrekbaar zijn en het opgebouwde lijfrentevermogen valt tijdens de opbouw niet in box 3. Voor medewerkers die naast hun pensioen ook vrij vermogen opbouwen, blijft het daarom belangrijk om het verschil tussen beide vormen goed te begrijpen.
De WTP-deadline nadert
De Wet toekomst pensioenen blijft van kracht met een transitiedeadline van 1 januari 2028. Voor werkgevers met een bestaande pensioenregeling betekent dit dat de overgang naar het nieuwe stelsel in volle gang moet zijn. HR speelt hierin een sleutelrol, zowel in de afstemming met de pensioenuitvoerder als in de communicatie naar medewerkers.
Voor werkgevers zonder verplichte collectieve pensioenregeling biedt de transitieperiode juist een kans om opnieuw naar pensioen als arbeidsvoorwaarde te kijken. Een werkgeverslijfrente kan dan een manier zijn om medewerkers individueel pensioen te laten opbouwen, zonder de complexiteit van een volledige WTP transitie.
Meer vrije ruimte binnen de WKR
Ook binnen de werkkostenregeling verandert er iets. Vanaf 1 januari 2027 stijgt de vrije ruimte over de eerste €400.000 van de fiscale loonsom van 2,00% naar 2,16%. Voor het deel van de loonsom boven €400.000 blijft het percentage 1,18%.
Dat is relevant voor werkgevers die een pensioenbijdrage via eindheffing willen faciliteren. Zij krijgen binnen de eerste schijf iets meer vrije ruimte. Welke route het beste past, via het nettoloon of via eindheffing, blijft afhankelijk van de situatie van de werkgever en werknemer.
Wat betekent dit voor jouw organisatie?
Prinsjesdag 2026 brengt geen grote nieuwe pensioenregeling voor werkgevers, maar pensioen en arbeidsvoorwaarden blijven volop in beweging. De WTP deadline komt dichterbij, de WKR wordt iets ruimer en over de toekomst van box 3 bestaat nog onzekerheid.
Voor HR betekent dit drie dingen. Ten eerste: zorg dat je pensioencommunicatie actueel is. Medewerkers hebben vragen en verwachten dat HR antwoorden heeft. Ten tweede: breng in kaart of je huidige regeling nog past bij de organisatie en de wetgeving. Ten derde: onderzoek of een werkgeverslijfrente een aanvulling of alternatief kan zijn.
Wil je weten hoe andere werkgevers dit aanpakken? Bekijk de brochure voor mkb-werkgevers.

Maak een afspraak
Klaar voor een moderne oplossing voor pensioen of vermogen? Maak vrijblijvend kennis met Vive en ontdek wat kan - voor jouw organisatie.
Complex pensioen, simpel uitgelegd - weet direct waar je staat
Persoonlijk gesprek voor jouw situatie en die van je werkenemers
In 30 minuten meer duidelijkheid dan uren googlen
Alle ruimte voor vragen aan onze ervaren pensioenexperts







